top of page

Van Hees Strategic Advisory

Van Hees Strategic Advisory Logo
Flag_of_the_Netherlands.png
Flag_of_the_United_Kingdom.png
Flag_of_Germany.svg.webp
Flag_of_France.svg.webp
Spain.jpg
Flag_of_Italy_(1946–2003).png
Portugal.jpg
yyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyyy.jpg
Japan.jpg
China.jpg

Voetbalclubs en jeugdspelers: de jeugdopleiding is de perfecte geldprinter. 

​

Investeerders zijn altijd op zoek naar de snelste manier van waardecreatie, en het liefst met zo min mogelijke investeringskosten. Er bestaat vrijwel geen markt waarin een asset, in dit geval een voetballer, zo explosief in waarde kan toenemen. Het is niet voor niks dat het steeds drukker wordt met biljonairs in de voetbaleconomie. Zelfs bedrijven als Red Bull nemen gehele voetbalorganisaties over, en investeren grof in de jeugdopleiding, en begeleiding van spelers. Echter, de grote voetbalclubs in de markt kopen talenten weg voor tientallen miljoenen euro's, en die leiden zij verder op. Dit soort clubs speelt Europees voetbal en daardoor komen hun spelers in de spotlights te staan. Een paar goede wedestrijden en de miljoenen investering is verdubbeld, zo niet meer. Yan Diomandé is een voorbeeld in dit verhaal. Ik neem aan dat je de opkomst van Yan hebt meegekregen, en vooral de tijdspanne waarin dit plaatsvindt. Red Bull kocht Diomandé voor zo'n €20 miljoen, en verkocht hem in minder dan een jaar, tien maanden om precies te zijn, voor €135 miljoen aan real Madrid. Voordat Yan naar Red Bull ging speelde de pas 19-jarige voetballer voor Spaanse CD Leganés. Zie hoe snel het kan gaan met een voetballer. Yan is een ultiem voorbeeld van waardecreatie op zijn best. Ik moet eerlijk bekennen dat het verhaal van Yan daarmee nog niet af is, want zijn verhaal is diep, en zelf pijnlijk op meerdere vlakken. Laten we het hierbij houden: een voetballer kan op zeer jonge leeftijd al als handel gezien worden, en zonder ouderlijk toezicht veranderd een kind in ruilwaar.    

GokLEjgWUAARnfO-820x1024.jpg

Los van traditionele top-3 van de Nederlandse en Belgische voetbalorganisaties, zijn de overige clubs met alle respect, de CD Leganés zoals in het verhaal van  Diomandé. Het verschil in grootte maakt in dit geval nik uit. Ik ben namelijk van mening dat de jeugdopleidingen in beide landen nog vele malen beter kan. En daar zou dan ook de aandacht op gevestigd moeten zijn. Jeugdspelers komen over het algemeen voor niks bij een voetbalclub. Boekhoud-technisch kost deze asset, want dat is een speler in de boeken van een voetbalclub, niks. Je hebt dus een gratis asset met de potentie miljoenen euro's waard te worden. Uiteraard haalt niet iedere speler het profvoetbal, maar degene die de eerste jeugdcontracten tekenen beginnen direct in waarde toe te nemen. Zodra zo'n speler het eerste elftal haalt, en minuten begint te maken, dan gaat zijn waarde met tienduizenden, of zelfs tonnen omhoog. Vanaf dat moment wordt het voetbal voor de jeugdspeler een beroep, en daarbij hoort hoogwaardige begeleiding. Ik denk dat de opleidingen in Nederland en België gemiddeld genomen redelijk tot goed zijn. Maar als je kijkt naar het opleiden van voetballers bij een club als Barcelona, dan is er nog veel te leren. Clubs als Barcelona, Madrid, Liverpool, om er een paar te noemen, zouden het voorbeeld moeten zijn voor onze clubs. Ik begrijp dat het veel geld kost, en daarom wil ik adviseren om op dat gebied een solide plan van aanpak te bedenken. Zorg er vervolgens voor dat er jaarlijks budget vrij is om te investeren in de opleiding. Probeer desnoods externe partners en sponsoren aan te trekken voor de plannen met de jeugdopleiding. De jeugdopleiding is een grote geldprinter als je het op de juiste manier benut.

Copyright-ProShots-21627633-Groot.jpg.webp

Probeer op dit gebied ieder jaar stappen te maken als voetbalorganisatie. Competities zijn op zichzelf staande markten in de wereldwijde voetbaleconomie. Als alle clubs ieder jaar progressie boeken met de jeugdopleiding, dan gaat de gemiddelde kwaliteit van de opleidingen omhoog, evenals de kwaliteit en waarde van de jeugdspelers. Ook de clubs, en de competities zelf groeien hierdoor in kwaliteit, en waarde. Daardoor wordt het voor de top-3 uit onze competities ook logischer om in de eigen competities te scouten en spelers uiteindelijk te kopen. Het resultaat is dat er meer geld in onze competities blijft, en zij die transfergeld ontvangen, kunnen dat herinvesteren. Als voetbalorganisaties buiten de top-3 een zeer goede opleiding hebben, dan is het voor de top-3 ook makkelijker om jeugdspelers in onze competities te stallen. Ik ben van mening dat de top-3 hun toptalenten te lang laat spelen in "jong" of de reserves. Ik kan mij ook goed de reden voorstellen: de clubs in onze competities zijn niet professioneel genoeg om met de jeugdtalenten van de top-3 te werken. Maar het is voor een jeugdspeler van de top-3 niet motiverend als je te lang in jong, of de reserves moet spelen. Het komt de motivatie niet ten goede, evenals de ontwikkeling. Ik denk dat het juist goed is voor deze jeugdspelers om zo snel mogelijk elders te gaan voetballen, en daar te ontwikkelen en ervaring op te doen. Andere omgeving, minder druk, en een speler moet daardoor meer zelfstandig zijn. Verhuur zie ik niet als een vorm van degradatie. Te lang in jong of bij de reserves spelen, dat is een vorm van degradatie.

​

We hebben in het verleden ook vaak gezien dat als voetballers uit de middenmoot van onze competities een transfer maken naar de top-3 clubs, zij regelmatig de belofte niet inlossen en falen. Dit heeft hoofdzakelijk met kwaliteitsverschil te maken. Dit geef ik aan om mijn punt met betrekking tot de jeugdopleidingen te versterken. Dit soort zaken wordt niet bespreekbaar gemaakt, omdat iedereen een concurrent van elkaar is. Ik denk dat de geschiedenis in het voetbal ons inmiddels leert dat dit soort concurrentie stagnerend en verlammend werkt. Ik begrijp dan ook niet waarom voetbalclubs hier onderling geen gesprekken over hebben. Vanuit de KNVB, en de KBVB zouden er jaarlijks bijeenkomsten gehouden moeten worden over de besproken onderwerpen. Een mooi voorbeeld hierin is de Formule 1. De teams onderling weten vrijwel alles van elkaar, hoofdzakelijk door openlijke spionage. Vrijwel alle teams hebben fotografen in dienst om de auto's, maar ook werkwijzen vast te leggen op beeld en video. Die beelden worden later bekeken en bestudeert, en daar trekt men lering uit. Maar men weet ook veel over elkaars budget, etc. Dit komt uiteindelijk ten goede van de competitie en sport, Formule 1. Het "slechtste" team is inmiddels minimaal $ 1 miljard waard.  

2261042494.jpg

Het is daarom dat ik pleit voor evenementen, bijeenkomsten en vergaderingen, die gehouden worden vanuit de voetbalbonden. Het komt de competities ten goede als er meer transparantie is tussen de clubs. Transparantie brengt duidelijkheid, en begrip. Als Nederland en België weer aansluiting willen vinden met de top van Europa, dan begint dat met het eerst kritisch naar onszelf te kijken. Beide landen zijn samen goed voor maximaal 30 miljoen inwoners. We spreken dezelfde taal, we hebben soortgelijke cultuur en levensopvattingen, en we hebben dezelfde problemen als het op voetbal aankomt. Ik pleit niet voor het samenvoegen van de competities, absoluut niet zelfs. Daarmee zou je de markt verkleinen i.p.v. vergroten. Het wordt wel de hoogste tijd dat we het gesprek met elkaar aangaan om zo de bonden, competities, en de voetbalclubs op een hoger niveau te krijgen. Op een dam of schaakbord zie je toch ook iedere zet van de concurrent, of ben ik nou gek?  

​

Als wij als voetbalorganisaties en competities zijnde economisch willen groeien, dan moet dat vanuit de clubs zelf komen. Wij gaan nooit miljarden euro's aan tv-gelden ontvangen namelijk. Naar mijn mening hoeft dat ook niet. Niemand claimt de we de leidende competities moeten zijn, want dat wordt lastig. Maar er is meer dan genoeg ruimte voor groei, en dat begint bij de jeugdopleiding. De top-3 clubs in beide competities kunnen de overige clubs stimuleren, door ze mee te laten delen in de winst. Zodra de top een speler verhuurd aan een club in de competitie, dan zou dat geheel gratis moeten zijn. Met daarnaast een bonus als de betreffende speler het eerste elftal van de verhurende club in de toekomst haalt. Daarbij zou er een clausule in de overeenkomst moeten zitten voor een percentage bij een potentiële transfer in de toekomst van, zeg 10%. De topclubs hebben genoeg talent rondlopen die vlieguren moeten maken. Op deze manier creëer je dat het merendeel van die spelers in onze eigen competities ervaring op doet, en zelfs tegen hun "moederclub" komen te spelen gedurende het seizoen. Het wordt hierdoor ook makkelijker om langduriger te verhuren, iets wat ten goede komt van de speler.  

 

Als we de spreekwoordelijke koppen bij elkaar steken, dan weet ik zeker dat het mogelijk is om op wereldniveau weer mee te tellen op het gebied van het ontwikkelen van talent. Als we de aansluiting met de top willen maken, dan moeten we ervoor zorgen dat talenten van over de gehele wereld het liefst naar Nederland of België komen voor de eerste stap in het professionele voetbal. Dat gebeurt alleen als wij zelf onze jeugd op de eerste plaats stellen.  

​

​

​

​

Mocht je als voetbalorganisatie geïnspireerd geraakt zijn door de blog, en wil je er graag meer over weten, neem dan contact op.

bottom of page